babbeltruc


babbeltruc 1.0

(recht en misdaad)

vorm van oplichterij waarbij een dief iemand met een misleidend verhaal bedriegt om hem geld of andere zaken afhandig te maken

Semagram (extra betekenisinformatie)


Een babbeltruc…

is oplichterij; is criminaliteit

  • [Doel of bestemming] wordt ingezet om iemand geld of andere zaken afhandig te maken
  • [Wijze] wordt gepleegd door iemand aan de praat te houden of smoesjes te verkondigen om die persoon op die manier af te leiden of om op die manier toegang tot diens huis te verkrijgen
  • [Ondervinder] wordt vaak toegepast op ouderen

    Algemene voorbeelden


    Met de aanhouding van een 23-jarige en een 28-jarige man, beiden dakloos, heeft de recherche vijf babbeltrucs opgelost. Eind januari maakten de verdachten in Schiedam met een smoes de pinpas van twee mannen afhandig; de pincode zagen zij vermoedelijk door mee te kijken bij de pinmachine.

    Algemeen Dagblad,

    Ouderen zijn vaker slachtoffer van babbeltrucs dan ze durven toegeven. Een intercom moet onverlaten op de vlucht jagen. "Ik heb me laten beetnemen", zegt de 77-jarige mevrouw D. Hattink-Kreiken uit Bilthoven. "Ik ben erin gestonken. Daar schaam ik mij wel voor. Maar ik wil ook andere ouderen waarschuwen voor mensen die juist de zwakkelingen uitkiezen om die op te lichten." Mevrouw Hattink werd twee jaar geleden het slachtoffer van twee dakdekkers.

    NRC Handelsblad,

    Hoge bomen omhakken, gordijnen voor de ramen tegen gluurders, en het personeel leren hoe het bezoekers moet benaderen: een greep uit de tips die een in Friesland verschenen handboek geeft om de kleine criminaliteit in verzorgings- en verpleeghuizen in te dammen. In toenemende worden dergelijke instellingen geconfronteerd met voyeurisme, babbeltrucs, valse collectes en vandalisme.

    Algemeen Dagblad,

    Woordfamilie


    Als deel van een afleiding


    Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


    Etymologie


    Aard herkomst inheems woord
    Samenhangende woorden (betekenis) babbelboef