insta


insta 1.0

(media, communicatie en telecommunicatie; informeel; neologisme)

Instagram, een sociaal netwerk waarop mensen door middel van een app foto's en video's met anderen kunnen delen en feedback kunnen geven op de foto's en video's van andere mensen

Semagram (extra betekenisinformatie)


Insta…

is een sociaal netwerk; is een medium

  • [Gebruiker] wordt gebruikt door mensen en bedrijven

    Algemene voorbeelden


    Ik heb geen insta, zou het dat zijn? Nou ja, dan moeten jullie alles maar bijhouden.

    Fok!,

    Combinatiemogelijkheden


    in voorzetselgroep


    • op insta

    In het rumoer ziet een jongen achterin de klas zijn kans schoon om zijn klasgenoten toe te roepen dat ze hem "ff op insta" moeten volgen, want hij doet mee aan een weddenschap. Bij vijfhonderd volgers krijgt hij een chocoladereep.

    nrc.next,

    "Het beeld dat je schetst over ons mooie bedrijf op insta komt mij bijzonder negatief over. Jammer!", schreef haar collega [...] als reactie.

    nrc.next,

    Werknemers weten inmiddels dat de baas altijd met hen op de foto wil en vragen er nu zelf om. "En dan zet ik hem op Insta."

    nrc.next,

    Woordfamilie


    Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen


    Overige woordfamilieleden


    Etymologie


    Aard herkomst inheems woord
    Vroegste datering 2016
    Samenhangende woorden (betekenis) Facebook; instagrammen; TikTok; Twitter

    insta 1.1

    (media, communicatie en telecommunicatie; informeel; neologisme)

    account op Instagram, een sociaal netwerk waarop mensen door middel van een app foto's en video's met anderen kunnen delen en feedback kunnen geven op de foto's en video's van andere mensen

    Betekenisbetrekking


    metonymie
    Specifiek 1.0 : 1.1

    Semagram (extra betekenisinformatie)


    Een insta…

    is een sociaalnetwerkaccount; is een account

        Algemene voorbeelden


        'Ik merkte dat ik neerslachtig werd als ik door mijn insta scrollde, omdat iedereen 24/7 gelukkig lijkt.'

        de Volkskrant,

        PS ik heb een leuke insta voor je: mytherapistsays post 00035.

        Fok!,

        Na elke campagne weten meer jongeren zijn Insta te vinden. Het leverde hem in december de titel 'Jongere van het Jaar' op, van jongerenplatform 7Days.

        NRC Handelsblad,

        Combinatiemogelijkheden


        in voorzetselgroep


        • op haar insta
        • op hun insta

        Beide doen aan sport en eentje is zelfs zo brutaal dat ze in een fietsenwinkel zegt dat ze haar aankoop wel wil betalen met een positieve review, want ze heeft zoveel volgers. Dan lees je op hun insta en hun blog verhalen over hoe vaak ze gesport hebben of welke kleur ze hun slaapkamer willen verven. Het is echt compleet leeg en inhoudsloos.

        Fok!,

        Zij is voor vrouwenemancipatie, biologisch voedsel, vrijheid van meningsuiting en dol op authenticiteit. Zij loopt mee in een diversiteitsparade, heeft daar een overbelichte selfie met zes filters van gemaakt en dit prachtwerk op haar insta gezet.

        NRC Handelsblad,

        Etymologie


        Aard herkomst inheems woord
        Vroegste datering 2016
        Samenhangende woorden (betekenis) Facebookaccount; Instagramaccount; instagrammen; TikTokaccount; Twitteraccount