nog aan toe


nog aan toe 1.0

versterkende toevoeging in uitroepen en verzuchtingen die verontwaardiging, woede, ongeduld e.d. uitdrukken
Vooral ter versterking van vloeken of bastaardvloeken.

Algemene voorbeelden


Ik vrees de ogen. Ik vrees de blikken van de meisjes. God nog aan toe! Nog meer dan voor het gapende gat in de ozonlaag ben ik bang om vernietigd te worden door het getuur van tientallen krioelende 'kruizenkijksters'.

Playboy,

Mevrouw Van der Stoel (VVD): Verdraaid nog aan toe! Ik heb niet één keer het woord "olieboycot" uit mijzelf in de mond genomen! U begon over een olieboycot en u vroeg of de VVD-fractie voor een olieboycot was of welke handelssanctie dan ook. Het antwoord is: neen! Voor de vierde keer!

Verslagen van de plenaire vergaderingen van de Tweede Kamer,

Bliksems nog aan toe. Waar maak ik me druk om. Ze ligt misschien wel elke nacht met een andere vent in bed.

Niet elke vrucht is wrang, A Jongkind,

Als hij de moeder hoort snikken in bed, zachtjes snikken, mompelt hij: 'Christus nog aan toe, allejezus.' Hij kan het niet meer aanhoren en smijt het boek op de grond.

De steen der wijzen, J.M.A. Biesheuvel,

De Cock bedwong zich niet langer. 'Verdomme nog aan toe,' ontplofte hij, 'het is alles bij elkaar nog geen achtenveertig uur geleden dat Jan Brets werd vermoord en nu al jankt een hotel over een verzegelde kamer en zeurt een commissaris over een onnozel rapport.'

De Cock en de dode harlekijn, A.C. Baantjer,

Al drie afleveringen heeft men de huwelijksvoltrekking tussen acteur Oerlemans en actrice Nederhorst weten uit te smeren, maar, blikskaters nog toe, wat een emmers dialoog worden er over ons heen gestort.

de Volkskrant,

'God nog toe, mag een dochter niet meer met haar moeder alleen zijn?'

Verzetsjongen, H. Werner,