stouwen


stouwen 1.0

goederen, bagage of spullen zodanig in een schip, voertuig of ruimte bergen, dat alles goed blijft liggen, goed verdeeld is en zo min mogelijk ruimte inneemt; ook: iets ergens in stoppen of stapelen in het algemeen

Semagram (extra betekenisinformatie)


Stouwen…

is een handeling

      Algemene voorbeelden


      Hij had de motor op de boot gezet en voorin bij de bagage nog vijf jerrycans met drinkwater gestouwd.

      Hokwerda's kind, Oek de Jong,

      Veel reders onthouden hun kapiteins zelfs een 'sjorplan' dat aangeeft hoe een bepaald aanbod van containers het best kan worden gestouwd en vastgezet.

      NRC,

      In vroeger jaren werden miljoenen turven, die door de Hoogeveense vrouwen waren gedroogd en in schepen waren gestouwd, door hun sexegenoten in Zwartsluis weer in handen genomen bij het verladen.

      Meppeler Courant,

      Ze hadden alleen het hoogstnodige nog niet ingepakt: een beetje toiletgerei en wat kleren. De rest was voornamelijk in de Chrysler gestouwd, die naast de Jeep vertrekkensklaar op de oprijlaan stond.

      De Openbaring, Tom De Cock,

      Voor het eerst deze reis regent het 's morgens. Dat weerhoudt ons niet om tijdig in te pakken en de bagage voor de laatste maal in de bussen te stouwen.

      http://www.google.nl/search?q=cache:82b_wfyhWNAJ:www.globenatuurreizen.nl/reisverslagen/extremadura03.doc+fee%C3%ABrieker=nl=lang_nl,

      Daarna word je doorgaans student, een verfoeilijke tussensoort die haar tijd verdeelt tussen de hangtiet van de alma mater en de tap van het café, ondertussen z'n nagelaten werk, vuil ondergoed, in een weekendtas stouwt en voor het overige domweg volwassen wordt.

      Dwarskijker, Rudy Vandendaele,

      Machteld ruimde haar bureau op, maakte een lade leeg, stouwde de inhoud in een andere kast.

      Spitzen, Thomas Rosenboom,

      Wij stouwen onze schaarse bezittingen in het koffertje van de MG en verlaten dit innige dorp.

      De Standaard,

      Aan boord van de vissersboot worden de beestjes gekaakt - ontdaan van gal en ingewanden op enkele stukjes maag na - en met zout bestrooid in tonnetjes gestouwd.

      De Standaard,

      Woordfamilie


      Als deel van een afleiding


      Als rechterlid in samenstellingen en samenkoppelingen


      stouwen 2.0

      (informeel)

      ( Gezegd van personen.)
      eten en drank in grote hoeveelheden en vaak ook in hoog tempo naar binnen werken

      Betekenisbetrekking


      metafoor
      Betrokken betekenissen 1.0 : 2.0

      Semagram (extra betekenisinformatie)


      Stouwen…

      is een handeling

          Combinatiemogelijkheden


          met voorzetselgroep


          • voedsel naar binnen stouwen
          • voedsel achter zijn kiezen stouwen

          Methodisch, alsof hij zich van een opdracht kweet, stouwde mijn oom het voedsel achter zijn kiezen en maalde.

          Bas, Annie Van Keymeulen,

          Toen we klaar waren met eten zei onze moeder dat het weer veel te snel was gegaan. En of we nog wel wisten wat we achter onze kiezen hadden gestouwd.

          Broere, Bart Moeyaert,

          'Van wat jij per dag naar binnen stouwt, zou een normaal mens een week kunnen eten!'

          Dossier vrouwenhandel, Ed van Eeden,

          Veel eten vond ik mannelijk toen ik hem leerde kennen. Maar nu stoort het me dat Camiel zoveel naar binnen stouwt.

          Wat kijk je zorgelijk, schatje, Hermine Landvreugd,