van iemands gezicht af te lezen vallen


van iemands gezicht af te lezen vallen 1.0

( Gezegd van wat er in iemand omgaat (emoties, gedachtes, karaktertrekken en dergelijke).)
duidelijk te zien zijn op iemands gezicht

Algemene voorbeelden


Gevraagd naar de mooiste hoed die Suzan ooit maakte, valt er enige besluiteloosheid van haar gezicht af te lezen.

Meppeler Courant,

"Wat bezielt die oude mensen?" valt er van hun gezichten af te lezen.

http://www.duitslandweb.nl/Actueel/Columns/GastcolumnX_Herdenking_17_juni_1953.html,

Gelukkig was hij politicus geworden in plaats van acteur, want hoe hij ook zijn best deed om een ontspannen indruk te geven, het viel zo van zijn gezicht af te lezen dat hij zich opgelaten voelde.

De vijfde macht, Pieter Aspe,

Sommigen kunnen zijn humor waarderen, maar bij de meesten valt ook spanning van de gezichten af te lezen.

De Telegraaf,

In de tram naar nieuwpoort, deze eerste schooldag, valt van de gezichten af te lezen dat de mensen deze nacht alweer hebben doorgeworsteld met zeer gestoorde slaap.

Verbannen in het vaderland, Karel Jonckheere,

Waneer Torsten en ik, na elkaar één moment aangekeken te hebben, onze blikken op de stuurmannen richtten, viel aan hun gezichten niets af te lezen.

Zuiderkruis, Pauline Slot,

'Ik ben zo moslim als ik groot ben. Staat het op m'n gezicht te lezen?' 'Eerlijk gezegd valt er weinig van je gezicht te lezen met die tulband en die woeste baard.'

De droogte, Herman Brusselmans,

Er valt geen emotie van zijn gezicht te lezen.

NRC,