à bloc 1.0
(sport en recreatie; fietssport; (vooral) in België)
(Frans, eigenlijk: muurvast) niet meer in staat om soepel te bewegen en optimaal te
presteren
Niet te verwarren, maar in de praktijk wel verward met en bloc 'allen tezamen, gezamenlijk', dat in de wielertaal ook vaak gebruikt wordt, met name
in de combinatie en bloc rijden.
Algemene voorbeelden
Overigens wilde hij niet klagen. "Een magnifieke dag", schoot hij zelfs even uit de haken. "Direct vuurwerk van in de start. Richard, Zülle, Berzin. Ik merkte dat het pijn deed bij enkele concurrenten. Velen meteen à bloc, een beetje stijf misschien na uren in de wagen. Zelf had ik goeie benen. Waarom dan niet eens zelf in het offensief."