ewa 1.0
(informeel; neologisme; (vooral) gesproken taal)
Algemene voorbeelden
Lang hadden vooral het Surinaams en Papiaments grote invloed op de straattaal, maar de laatste jaren is die steeds meer doorspekt geraakt met Marokkaans-Arabisch. Een minicursus: met sahbi spreek je een vriend aan, saaf – van het Arabische sarf, wisselgeld – is geld en ewa kun je zo'n beetje overal tussen gooien.
Ewa Faka? Alles goed vandaag? Jawel, alleen ik heb niet gedoucht vandaag. Waarom? Ey, ik ben op die floes vandaag Oh, daarom!
Ewa, ewa, hola señorita. Ook al ben ik skaffa. Jij mag op de picca.
Combinatiemogelijkheden
vóór de zin
- ewa drerrie
- ewa gast
"Ewa drerrie, je bent beter geen simp!": voor de meeste volwassenen een onverstaanbare zin, maar niet voor kinderen en tieners. "Ewa drerrie" is het kinderwoord van 2020 en betekent "Hey gast!". "Simp" is het tienerwoord van het jaar en betekent zoveel als "een jongen die te veel moeite doet voor het meisje dat hij leuk vindt".
Over 10 jaar spreken kinderen hun ouders aan met ewa gast, omdat dat dan normaal is, daar zal ook niet iedereen mee akkoord gaan. De omgangsvormen uit een generaties zijn verschillend, niet te voorkomen.
Etymologie
Aard herkomst | leenwoord |
---|---|
Vroegste datering | 2005 |
Brontaal | Marokkaans-Arabisch |
Vorm in brontaal | ewa |
Betekenis in brontaal | idem |