Marokkaan 1.0
Semagram (extra betekenisinformatie)
Een Marokkaan…
is een persoon
- [Groep] behoort tot het Berbervolk, het Arabische volk of tot het Noord-Afrikaanse negroïde volk
- [Plaats] woont doorgaans in Marokko; emigreert vaak ook, onder andere naar België en Nederland
- [Plaats van herkomst] is afkomstig uit Marokko; is geboren in Marokko
- [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] heeft de Marokkaanse nationaliteit; is Marokkaans staatsburger
Algemene voorbeelden
Joop kon niet weten dat hij een Marokkaanse vader had en hij moest dus vissen naar de reden van zijn opmerkingen over Marokko: 'Heb je daar familie?' 'M'n vader was gastarbeider. Marokkaan.' 'Maar je heet Van Lieshout.' 'De naam van m'n moeder. Ze zijn gescheiden.'
Bij de mannen werd de Marokkaan Morceli de atleet van het jaar.
De laatste jaren debuteren er steeds meer Nederlandse schrijvers van de tweede generatie Marokkanen.
De werkloosheid onder Turken en Marokkanen is vier tot zeven keer zo hoog als onder de autochtone bevolking en de werkloosheidspercentages onder de Surinamers en Antillianen zijn twee tot vier keer zo hoog.
Van ouder datum is de documentaire Latifa en Abdullah, een portret van een harmonieus Marokkaans gezin. De film was bedoeld om negatieve beeldvorming over Marokkanen te nuanceren.
Woordfamilie
Als deel van een afleiding
Als rechterlid in samenstellingen en samenkoppelingen
Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen
marokkaan 2.0
Betekenisbetrekking
Betrokken betekenissen | 1.0 : 2.0 |
---|
Semagram (extra betekenisinformatie)
Een marokkaan…
is een winkel; is een onderneming
Algemene voorbeelden
Is het gewoon een zakje met een vrouw erop in een ander kleur henna? Dus geen rood? Ik heb het ooit gebruikt maar dan voor zwart. Hij pakte hem gelijk en was zo super mooi. Ik had hem bij de marokkaan gekocht.
marokkaan 3.0
Betekenisbetrekking
Betrokken betekenissen | 1.0 : 3.0 |
---|
Algemene voorbeelden
Arend neemt hen krimpend van de honger mee naar een Marokkaan in de buurt.