beroepssporter


beroepssporter 1.0

iemand die sport voor zijn beroep; profsporter; prof

Semagram


Een beroepssporter…

is een persoon

  • [Oorzaak, reden of aanleiding] sport voor zijn beroep

    Hoofdsemagram: sporter


    Algemene voorbeelden


    Naar aanleiding van het verzoek van de Koninklijke Belgische Voetbalbond aan het Arbitragehof om het decreet van 1978 op de niet-professionele sportbeoefenaar nietig te verklaren en de actuele onderhandelingen over een nationale cao voor profvoetballers, waarschuwde hoogleraar arbeidsrecht Roger Blanpain (KU Leuven) er gisteren voor dat sport een exclusieve bevoegdheid is van de gemeenschappen. Dat geldt volgens hem voor liefhebbers en beroepssporters en ook voor zaken in het domein van het arbeidsrecht.

    De Standaard,

    Aangezien profsport in hoge mate een commercieel bedrijf is, verdienen beroepssporters geen ondersteuning van overheidswege.

    http://www.e-stem.nl/

    In het eerste lid wordt "wordt verstaan onder artiest: degene die een overeenkomst van korte duur om als musicus of anderszins als artiest op te treden heeft aangegaan" vervangen door: wordt verstaan onder artiest dan wel beroepssporter: degene die ingevolge een overeenkomst van korte duur, dan wel kortstondig krachtens een andere grond, als musicus of anderszins als artiest optreedt dan wel als beroep een tak van sport beoefent (beroepssporter).

    http://www.cbhome.nl/index.php,

    Woordfamilie


    Als linkerlid in samenstellingen en samenkoppelingen